Een nieuw gezicht en dus een nieuw verhaal.
Net als voor veel andere piloten is vliegen voor mij als een jongensdroom begonnen. Ik was altijd al gefascineerd door vliegtuigen en de techniek erachter en later heb ik er uiteindelijk ook mijn studie van gemaakt.
Maar zelf vliegen begon eigenlijk pas op mijn 26ste. In eerste instantie wilde ik gaan zweefvliegen maar ik kwam er al snel achter dat er snellere en toegankelijkere manieren waren om de lucht in te komen. 
Na mijn eerste duovlucht bij Tom Haagdorens in België was ik verkocht en begon het zelfstandig vliegen werkelijkheid te worden. Ik kocht samen met een vriend een oude vleugel van € 300,- en begon structureel al mijn vrije dagen aan het vliegen te besteden, waarin ik voornamelijk met onze zuiderburen op pad ging, meestal naar Annecy, Laragne of Saint-André.

Van competitievliegen is er eigenlijk nooit wat van gekomen, hoewel dat wel altijd mijn ambitie was. En toen ik er wat meer tijd voor dacht te krijgen, kreeg ik een kind. Ook leuk natuurlijk, maar niet goed voor de vlieguren…
Vorig jaar heb ik eigenlijk voor het eerst een serieuze competitie gevlogen, het NK. Dat ging verrassend goed. Ook al werd er maar één ‘echte’taak gevlogen, ik eindigde als 4e van Nederland en dit was voor mij een goed begin als wedstrijdpiloot. Na recent gevraagd te zijn voor de kernploeg 2020, wil ik mijn kans nu echt pakken en me gaan meten met anderen.
Ik hoop komend jaar veel te leren van de wedstrijdpiloten om mij heen, maar ook veel te genieten van het vliegen, want de ontspanning, de kick en het vaak indrukwekkende decor blijven voor mij de mooiste aspecten van onze sport.